CDA_logo_groen

nieuws

Beschuldigingen FDF aan CDA: de feiten

20 februari 2020

Een dag voor het boerenprotest van 19 februari eiste Farmers Defence Force dat het CDA het kabinet zou laten vallen. FDF beschuldigde die partij te hebben gezwegen bij het negatieve kabinetsbeleid. Maar is dat wel zo? Een factcheck.

In een 'persoonlijke' brief aan de Kamerleden van het CDA, die ook wijd is gedeeld op FDF-Facebookgroepen, verwijt de boerenactiegroep dat het CDA geen kik zou hebben gegeven bij het volgens hen desastreuse regeringsbeleid. Ze halen drie punten aan; de kalverfraude, het fosfaatrechtenstelsel en de RIVM-cijfers. In alle gevallen, stelt het FDF, nam het CDA het niet voor de boeren op. We gaan de aantijgingen één voor één langs. 

1. De kalverfraude

FDF stelt: De valse beschuldigingen aan het adres van boeren in de zogenaamde kalverfraude- zaak, liggen ons allemaal nog vers in het geheugen. Beschuldigd als criminelen, verguist als fraudeurs. En er was NIETS van waar. [...]”. Een minister die NOOIT de moeite heeft genomen haar excuses aan te bieden. Zij zweeg. Evenals het CDA.

De werkelijkheid: Minister Schouten maakte de 'massale' fraude bekend op 23 januari 2018. Diezelfde dag vroeg CDA-Tweede Kamerlid Jaco Geurts al om hoeveel boeren het ging. "Hoe groot is de fraude precies? Wanneer is daar meer duidelijkheid over?", vroeg hij aan de minister.

Hij was trouwens niet alleen. Roelof Bisschop (SGP) wees er toen op dat de NVWA slechts op 43 bedrijven fraude had geconstateerd, en de rest was gebaseerd op statistische extrapolaties. "We kunnen niet op basis van statistiek veroordelen".

Het hele jaar lang zijn CDA, SGP, VVD en zelfs de SP vragen blijven stellen over de fraude, die de minister ondertussen had gedegradeerd tot 'onregelmatigheden in het I&R-systeem'. Waar FDF stelt dat het CDA zweeg, is dat onjuist.

2. De fosfaatrechten

FDF stelt: De minister blunderde bij de invoering van het fosfaatrechtenstelsel: talloze boerengezinnen werden een knelgeval. Het CDA zweeg.

De werkelijkheid: Het fosfaatrechtenstelsel werd ingevoerd tijdens de vorige regering, onder staatssecretaris Martijn van Dam. Minister Schouten was toen niet in functie, dus had niet eens kunnen blunderen.

Het FDF stelt: dat het CDA heeft gezwegen over de knelgevallen, het tegendeel is waar. In november 2016 bracht Jaco Geurts (samen met CU-kamerlid Carla Dik-Faber) een amendement in om tot een ruime knelgevallenregeling te komen. Vanwege dit amendement, dat een meerderheid haalde in de Tweede Kamer, stelde Van Dam de Commissie-Kalden in, die de mogelijkheden voor een ruimere knelgevallenregeling onderzocht. Geurts heeft de staatssecretaris, en later de minister, herhaaldelijk gevraagd over die commissie, en over hoe de bewindslieden dat advies tot uitvoering zouden brengen.

Geurts heeft vragen gesteld over de fiscale afhandeling van fosfaatrechten en over de mogelijkheid om ze af te schrijven. Hij heeft de bewindslieden bevraagd over de rechtszaken die honderden melkveehouders hadden aangespannen tegen het fosfaatreductieplan, en over de gang van zaken bij RVO. Ook had Geurts al in 2016 aangegeven dat er geen fosfaatrechten naar vleesveehouders moesten gaan. "Boeren met vleesvee zouden niet moeten concurreren met de melkveehouderij" stelde hij toen, tegen staatssecretaris Van Dam. „Voor hen is een structurele oplossing nodig.“

3. De stikstofcrisis

FDF stelt: Alle Nederlandse boeren zuchten onder de gevolgen van de “stikstofcrisis”. U wilt tijdens een AO, voorafgaand aan de publicatie van de resultaten van het Mesdagfonds, debatteren over het stikstofbeleid. Waarom? Is de waarheid voor het CDA niet meer belangrijk?

De werkelijkheid: Het CDA heeft al lang twijfels gehad bij de RIVM-cijfers, en de afgelopen jaren regelmatig om onderbouwing gevraagd van het Aerius-model en de cijfers van RIVM. In november 2015 bracht Annie Schreijer-Pierik het rapport 'Land in de Knel' uit, waarin ze al vragen stelde bij de procedure van aanwijzing van Natura 2000-gebieden en aandacht vroeg voor het feit dat boeren daardoor niet konden uitbreiden. Jaco Geurts heeft staatssecretaris Van Dam daarover bevraagd. Ook heeft hij regelmatig vragen gesteld over het Aerius-model en de cijfers daarachter. In maart 2018 bijvoorbeeld: "Als je naar de berekeningen kijkt, dan worden er hoge concentraties gemeten in januari, terwijl er in die tijd geen mest wordt uitgereden. Dan kan je gewoon niet zeggen dat dat komt omdat de veehouderij op dat moment haar mest uitrijdt."

Geurts is bij de publicaties van de eerdere rapporten van het Mesdag-fonds geweest (bijvoorbeeld bij 'Ammoniak in Nederland' van Hanekamp, Crok en Briggs), heeft daarover Kamervragen gesteld, en heeft Jaap Hanekamp, Geesje Rotgers en Jan Cees Vogelaar in staat gesteld om hun conclusies in de Tweede Kamer te delen. Ook heeft hij ervoor geijverd om het Mesdag-fonds te betrekken bij de commissie die de meet- en rekenmethodes van het RIVM gaat onderzoeken. De inspanningen van Jaco Geurts in deze hebben ertoe geleid dat Jaap Hanekamp aan die commissie is toegevoegd.

Waar FDF beweert dat het CDA de cijfers (van het RIVM) niet kritisch benadert is dat onjuist.